DE KRIMPENERWAARD IN DE TOEKOMST   

Over de toekomst van het Groene Hart wordt op politiek niveau levendig van gedachte gewisseld.
Dit debat heeft uiteraard ook voor de Krimpenerwaard zo zijn gevolgen.

Een interessante ontwikkeling, die al is ingezet, betreft de aanleg van de zogenoemde Krimpenerhout.
Het betreft hier de aanleg van een natuur- en recreatiegebied, waarvan de eerste fase al in 1982 werd uitgevoerd. Toen werd 40 ha. bos (het Krimpenerbos) aangelegd ten noorden van de provincialeweg bij
Krimpen aan den IJssel . In 1983 volgde het Weteringbos: 10 ha. bos noordelijk van Krimpen aan de Lek.
In de jaren 1986 t/m 1989 werd het Stormpolderbos aangelegd (26 ha.), zuidelijk van de provincialeweg bij Krimpen aan den IJssel.
Rond het jaar 2000 zou zo'n 240 ha. moeten zijn ingericht ten behoeve van natuur en recreatie.

De herinrichting van de Krimpenerwaard heeft inmiddels gestalte gekregen, nu Gedeputeerde Staten van de Provincie Zuid Holland het landinrichtingsplan definitief heeft vastgesteld.

De provincie Zuid Holland gaf hierover het volgende persbericht uit:

Persberichten

26 april 1999

Landinrichtingsplan Krimpenerwaard definitief vastgesteld

Gedeputeerde Staten (GS) van Zuid-Holland hebben onlangs het landinrichtingsplan voor de Krimpenerwaard definitief vastgesteld. Doel van het plan is een goede verhouding tussen landbouw, natuur en recreatie in het gebied tot stand te brengen. Het vastgestelde plan heeft het karakter van raamplan, dat de komende jaren in modules verder wordt ingevuld en uitgevoerd. Ook de financiering van de verschillende projecten wordt per module geregeld. Uitvoering van de eerste module moet nog dit jaar starten.

Waterhuishouding
De inhoud van het vastgestelde plan komt vrijwel overeen met het eerder door de Landinrichtingscommissie (LC) opgestelde ontwerpplan. Dat betekent dat in agrarisch gebied peilaanpassing en peilverlaging zal plaatsvinden en ook de mogelijkheid van boerderijverplaatsing aanwezig blijft. Natuurgebieden behouden de grenzen zoals die zijn vastgelegd in de nota 'Kiezen voor de Krimpenerwaard'. Het raamplan bevat verder veel waterhuishoudkundige maatregelen, zoals de bouw van gemalen en de aanleg van een boezemsysteem. In de eerste module zal daarom ook de nadruk liggen op de verbetering van de waterhuishouding.

Recreatie
Tijdens de inspraakperiode brachten veel partijen naar voren dat het vergroten en/of verbeteren van de mogelijkheden voor recreatie een belangrijk thema voor de Krimpenerwaard is. In het definitieve plan komt recreatie daarom nadrukkelijk aan de orde. Zo heeft de provincie besloten dat het beoogde voetpad van de Koolwijkseweg tot Benedenberg alsnog wordt omgezet in een fietspad. Voor wandelaars wil de provincie meer kaden openstellen en ten zuiden van Gouda wordt een verbindende schakel gerealiseerd in de wandelroute van de Krimpenerwaard naar Lopikerwaard. Verder gaat de provincie er van uit dat de verschillende partijen in de Krimpenerwaard, zoals het natuur- en recreatieschap en de gemeenten, gezamenlijk nagaan of er verder mogelijkheden zijn om de recreatie in het gebied te verbeteren. GS willen verder de ideeŽn van de Stichting Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer graag een kans geven om ecologische zones (stroken natuur langs watergangen) tot stand te brengen.

De provincie vindt het jammer dat het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij het verzoek heeft afgewezen om een subsidieregeling open te stellen voor de aanleg van kavelpaden. In het ontwerpplan stelde de LC nog voor een bedrag te reserveren voor de aanleg van deze paden in peilaanpassingsgebieden. Wel kunnen boeren hiervoor op basis van de zogeheten 'Groene Hart Impuls' individueel subsidie aanvragen bij het Groene Hart-platform.

nieuw beleid
De aanpak via raamplan en modules is een gevolg van gewijzigd beleid. Rijk en provincies willen een andere werkwijze in landinrichtingsprojecten bewerkstelligen en ook de financiŽn op dit terrein op orde brengen. Een direct gevolg hiervan is dat het Rijk minder geld beschikbaar stelt voor het project in de Krimpenerwaard. Nog dit jaar moet bekend zijn om hoeveel geld het gaat en hoe de bezuinigingstaakstelling kan worden gerealiseerd.

De komende maanden stelt de Landinrichtingscommisie (met daarin gemeentes, waterschappen en organisaties voor natuur, landbouw en recreatie) op basis van het raamplan de eerste uitvoeringsmodule op. Niet elk voorstel uit het raamplan zal al in die module meegenomen kunnen worden. De komende tijd zal daarom over de belangrijkste prioriteiten intensief overleg plaatsvinden tussen de verschillende partijen.

Noot voor de redactie
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Jan-Nico Wigboldus van de afdeling Communicatie, 070 441 6524